Archive | July, 2012

Een konijn of een haasje

22 Jul

Voor Moederdag kreeg ik van mijn zoons een nieuwe wekkerradio. De oude deed het nog wel, maar je kon hem niet programmeren en het knoppenwerk was zó onhandig, dat Radio 1, de zender waarnaar ik altijd luister, voortdurend zoek was. Een bron van ergernis voor iedereen, die voor mij even de radio moest aanzetten.

De nieuwe, vierkante cijfers stralen mij tegemoet, zodat ik ieder moment van de nacht kan zien hoe laat het is. En elke keer om vijf voor het halve uur krijg ik bezoek. Dan staan de twee en de vijf namelijk naast elkaar en samen zijn ze dankzij de vormgeving een konijn of een haasje, net wat je wilt.

25

Het is natuurlijk heel kinderlijk, maar ik betrap mezelf erop te liggen wachten tot het haasje, want dat is het voor mij, voorbij komt. Een minuut per uur kijk ik dan naar dat beestje, zeg in gedachten van alles tegen hem, totdat het wegfloept, omdat de vijf dan verandert in een zes.

Van de week stond onze Kees midden in de nacht naast mijn bed. Na het uitgaan komt hij altijd even kijken of zijn moeder wel goed ligt. De schat. Een beetje verleggen, een glaasje water, waarna ik zei: ’Wacht even, dadelijk komt Haasje langs.‘ Het was 04.24 uur.

‘Is dit nog je enige gezelschap op een dag? ‘, vroeg hij bezorgd. Uitgaan doe ik al jaren niet meer. Vrijwel alle feesten, recepties en andere bijeenkomsten gaan aan me voorbij. Ik heb geen werkkring, dus ook geen studiedagen of congressen.

Maar ook begrafenissen, verjaardagen en kleinere feestjes moet ik steeds vaker laten lopen. Van een simpele conversatie raak ik tegenwoordig namelijk al snel buiten adem. Begrijp me niet verkeerd, ik ontmoet heus voldoende mensen, hoor. Dus verpieteren doe ik niet. Trouwens, Haasje komt om acht minuten voor het hele uur ook voorbij. Maar dan op zijn kop. Kijk maar:

52

Advertisements

Een bloeiende kersenboom

13 Jul

Als zoon van een landarbeider wist mijn grootvader, opgegroeid in het Zeeuwse Sluis, zich in het begin van de vorige eeuw in de loop van zijn leven op te werken tot belastingambtenaar. In 1925 huwde hij, boven zijn stand, de banketbakkersdochter Madeleine van Vooren. Frans spreken was in die tijd en in die streek sjiek, vandaar de latere benamingen Bonpapa en Bonnemama.

Het stel kreeg twaalf kinderen. Zo’n groot gezin was in de eerste helft van de twintigste eeuw heel gewoon. Een goede katholieke moeder baarde elk jaar een kind en als ze een keer oversloeg, dan kwam meneer pastoor persoonlijk informeren wat er aan de hand was.

Mijn grootmoeder had altijd een kind aan de borst. En naast het runnen van dat grote gezin schilderde ze ook nog. Landschappen, zeegezichten, bloemen. Bij ons thuis drentelde een groep schapen over een Brabantse hei en boven de schoorsteen hing een ruige zee met daarboven een typische ‘Bonnemama-lucht’. In wolkenpartijen was ze goed!

Tegenover mijn bed hangt het schilderijtje dat ik van haar kreeg toen ik zes was. Iedere ochtend en avond kijk ik naar het lentetafereel: een boerenschuur met daarnaast een bloeiende kersenboom. Ik behoorde tot de oudste groep kleinkinderen (mijn vader was de tweede in de rij) en na mij kwamen er nog zoveel dat daar niet tegenop te schilderen viel. Ik ben dan ook erg blij met dit schilderijtje.

De familie Claerhoudt is een hechte. De broers en zusters, er leven er nog zes, hebben ook nu nog veel aan elkaar. Zo ondersteunde de jongste dochter jarenlang haar zus Annie, die vroeger als oudste als een moeder was geweest voor haar. Op familiebijeenkomsten, helaas zijn dat tegenwoordig steeds meer begrafenissen, is altijd iedereen aanwezig. Ooms en tantes, neven en nichten en daarvan weer de kinderen en zelfs kleinkinderen.

Mijn overgrootvader, de landarbeider dus, verdiende één gulden per dag. Tenminste, als er werk was. Op een dag was hij op het land bezig toen hij een wagen zonder paard ervoor zag rijden; een auto! Hij prevelde bezwerende spreuken, sloeg een groot kruisteken en ging op de vlucht. Dat is nog geen honderd jaar geleden. Bijna alles is sindsdien veranderd, maar de ‘Bonnemama-lucht’ is gebleven.