Archive | May, 2013

Een verdwaalde kuifduiker

26 May

Vriendelijke ogen, gebruind gezicht, groene kleren, verrekijker om de nek en een grote telescoop onder zijn arm. Als dat onze vogelgids niet was. . . Klaas stapte bij Dorine, Eline en mij in de auto en de privé-excursie kon beginnen.

Het weekje Texel deed me goed, al was het behoorlijk koud en de laatste dagen ook nat. Tijdens de excursie woei het hard, waardoor we de vogels vooral vanuit de auto bekeken. Lui en comfortabel zou je zeggen, maar mij en die zware rolstoel in en uit de auto sjorren is bepaald geen sinecure. Dan moet je wel heel graag naar buiten willen.

Klaas leidde ons naar plekken en liet vogels zien, die ons anders nooit waren opgevallen. Rotganzen, oeverlopers, steenlopers, oeverzwaluwen, dwergsterns, een verdwaalde kuifduiker en groepjes rosse grutto‘s.

Wist je trouwens dat die grutto’s helemaal vanuit West-Afrika naar Siberië vliegen om daar te broeden? In mei maken ze een tussenstop op de wadden om aan te sterken en in een paar weken tijd hun gewicht te verdubbelen. Als hun kuikens groot zijn, vliegen ze weer 4.300 kilometer terug naar Afrika.

Klaas had ontzag voor die sierlijke, maar oh, zo stoere vogels en wij dus ook. Op een gegeven moment móést ik van Klaas uit de auto. Zo’n buitenkans kreeg ik maar één keer. In het weiland was een groep van twaalf morinelplevieren gesignaleerd!

Even later zat ik rillend in mijn rolstoel met een in de wind flapperende cape en loerde door de telescoop, tot ik een glimp opving van een oranje–gele steltloper met witte oogstreep. In Nederland een zeldzame doortrekker.

Er was meteen een oploopje van vogelspotters. Klaas was dolenthousiast en wij dus ook.

Het radioprogramma Vroege Vogels maakte er de zondag daarop melding van. Toen hij ons ook nog een nachtegaal liet horen, kon onze dag niet meer stuk. Na afloop stapte Klaas uit de auto met een twinkeling in zijn vriendelijke ogen.

Advertisements

Voorlopig vrolijk doorleven

12 May

Als ik nu ter plekke stik in deze bitterbal (met mosterd), die ik in goed gezelschap op een zonovergoten terras nuttig in combinatie met een koel glas witte wijn, dan heb ik daar vrede mee. Het zou een mooi einde zijn, merkte ik op.

Koninginnedag, dodenherdenking, Bevrijdingsdag, Pinksteren, alweer was ik overal bij. Dagen vol gezelligheid, bezinning en puur genieten. De beademing kon ik meestal thuislaten. En dat, terwijl ik  veertien jaar geleden de diagnose ALS kreeg. Vorig jaar was ik ervan overtuigd, dat ik mijn laatste Koninginnedag had gevierd.

Soms verslik ik me en dat kan verstrekkende gevolgen hebben. Een benauwdheidsaanval zorgt voor zuurstofgebrek, mijn beademingsapparaat doet zijn werk niet meer en ik raak volslagen in paniek. Als ik verkouden word, gaat het helemaal snel mis.

Na een paar van zulke ervaringen heb ik besloten geen grote stappen meer te nemen. Geen reanimatie en niet in allerijl naar het ziekenhuis, waar ik aan de permanente beademing zou worden gelegd.

Thuis met medicijnen de ziekte, en vooral de angst, onderdrukken  en verder maar afwachten. Nou ben ik geloof ik wel een taaie en bovendien zelden ziek. ‘Niet kapot te krijgen‘, kun je ook zeggen. Toch kan het zomaar gebeuren dat er iets mis gaat en daarvan ben ik me terdege bewust.

Dit jaar was wél mijn laatste Koninginnedag, maar dat geldt voorlopig voor iedereen. Amalia op de troon zal ik zeker niet meer meemaken en veel van mijn leeftijdsgenoten ook niet. Maar de eerste Koningsdag, waarom niet? Met een beetje geluk pak ik die gewoon mee.

“Liever niet “, zei het goede gezelschap. “Het geeft zoveel gedoe! “ Hij doelde op de bitterbal die in het verkeerde keelgat zou schieten en een aangename middag zou verknallen. “Voor mij niet, hoor “, probeerde ik nog. Toch moest ik hem beloven voorlopig nog maar vrolijk door te leven. En dat doe ik dus maar.