Archive | October, 2014

Het afvalproces

20 Oct

‘Wat zie je er goed uit!‘, hoorde Jan vandaag tot vier keer toe. Vind je het gek als je acht kilo afvalt in minder dan vijf weken. Verbaasd trok hij een spijkerbroek van een paar jaar geleden aan. Daar kon hij een tijdje geleden niet meer in, maar zakte nu bijna van zijn billen.

Linzen, bonen en andere peulvruchten, eieren, allerlei soorten groenten, vlees en vis. Dat is het wel zo’n beetje. Geen bier en cola, maar spa en thee en dat zes dagen achter elkaar. De zevende dag móét je alles eten wat verkeerd is, om het afvalproces te bevorderen.

Ik som maar even op wat volgens het ‘4 hour body-dieet’ allemaal niet mag: brood, pasta, rijst, aardappelen, kaas, fruit, alles waar suiker in zit, melkproducten en uiteraard geen vette dingen, zoals chips. Ik moet er niet aan denken. . .

En Jan bij aanvang natuurlijk ook niet, maar zijn neef Tomas, die zelf al zes kilo kwijt was, wist hem te motiveren. Wat ik als Jan’s moeder zelfs met veel overredingskracht niet voor elkaar kreeg (‘Jongen, zou je die vette zooi niet laten staan?‘), lukte Tomas gelukkig wél.

Dit is een boodschappenlijstje van vóór het dieet:

Tijgernootjes bacon/kaas
Fles cola
Blikjes bier
Pizza casa di mama
Gemengde salade
6 witte bollen
Grillworst

Dit was Jan’s rantsoen voor een dag. Toen hij op kamers ging, kon hij nauwelijks koken; nu staat hij tenminste twee keer per dag aan het fornuis. Ontbijt met eieren, linzen en spinazie. Diner met kip, kapucijners en wokgroenten.

En dat, terwijl zijn favoriete maal een ‘kapsalon’ van de snackbar was. Dat is friet met kebab, geloof ik. En nog andere dingen, maar die wil ik niet eens weten, want het lijkt me zó al smerig genoeg. . .

Enfin, tot zover een trotse moeder van een nog veel gelukkiger (en slankere) Jan, vastberaden om dat ook te blijven!

Advertisements

Slecht in weggooien

4 Oct

Het opruimen is weer begonnen. Elk najaar krijg ik de kriebels om orde in de chaos van dit grote huis te brengen. Het gekke is, dat ik van ons gezin altijd de enige ben. Hoe zou dat nou komen? Het is toch eigenlijk heerlijk om af te dalen in een stoffige kelder, waar je je overal aan bezeert door het slechte licht en doordat je er niet rechtop kunt staan?

Open Lundia-kasten, nog uit de sport- en kampeerzaak van Harry’s vader, herbergen de meest uiteenlopende spullen. Van beschimmelde voetbalschoenen tot oude blikjes die helemaal zijn verroest. Het is namelijk nogal vochtig in onze kelder.

Tenminste één keer per jaar staat beneden een decimeter water. Onze straat blijkt te zijn gebouwd op een oude rivierbedding en als er veel regen valt, stijgt het grondwaterpeil. Deze onaangenaamheid verrast ons elke keer weer.

De pomp van de buurman doet dan zijn werk en ach, echt waardevolle spullen staan niet in de kelder. Wel een opmerkelijke verzameling voorwerpen uit de jaren zeventig. Dat is niet vreemd als je bedenkt, dat ik in 1978 met Harry ging samenwonen.

In de vier keer die we daarna verhuisden, namen we altijd alles mee; we zijn nou eenmaal slecht in weggooien. Bovendien gebruikten we alles regelmatig. Zoals het krullerige gourmetstel met spiritusbrandertjes.

En de kampeeruitrusting, bestaande uit een zware, katoenen tent van het merk ESVO, twee met oranje en bruine bloemen bedrukte tuinstoeltjes, luchtbedden, een gasstel en keukengerei. Alles uiteraard afkomstig uit de winkel van Kees van Dam en na de diagnose van mijn ziekte nooit meer gebruikt.

Op de dia’s, ook zo’n typisch jaren-zeventig-product (van die dia-avondjes waar geen eind aan kwam, weet je nog?), zie je die kampeertaferelen meerdere malen terug. Toch mogen die dia’s niet weg, maar ze moeten wel uit die vochtige kelder vandaan. Voor de andere spullen zal ik toch het groot vuil maar eens bellen.